In het kort
- De legitieme portie is een wettelijke aanspraak van afstammelingen op een minimumdeel van de nalatenschap, ongeacht onterving (art. 4:63 BW).
- Beslissend is juridische afstamming, niet biologische band of feitelijk contact (art. 4:64 BW).
- De legitieme portie bedraagt de helft van het versterferfdeel waarop de legitimaris zonder testament aanspraak zou hebben gehad (art. 4:64 lid 1 BW).
- De aanspraak moet binnen vijf jaar na het overlijden worden ingeroepen, ook wanneer de legitimaris pas later van het overlijden hoort (art. 4:85 BW).
- Wanneer juridisch ouderschap nog niet vaststaat, kan dit in bepaalde gevallen alsnog gerechtelijk worden vastgesteld (art. 1:207 BW).
Dit praktijkvoorbeeld is geanonimiseerd en gebaseerd op meerdere zaken uit onze praktijk.
Wat was de situatie?
Een persoon die als kind weinig contact had gehad met een ouder, vernam jaren na het overlijden van die ouder dat de nalatenschap was afgewikkeld zonder dat hij was geïnformeerd. De ouder had bij leven een testament opgesteld waarin uitsluitend de andere kinderen, voortgekomen uit een latere relatie, tot erfgenaam waren benoemd. Het buiten de relatie geboren kind was niet als erfgenaam vermeld.
In juridische zin was er evenwel sprake van afstamming. De ouder had het kind in zijn jonge jaren erkend, voordat het contact verloren ging. Op het geboorteregister stond de overledene als juridische ouder vermeld. Daarmee was het kind, ondanks de lange afwezigheid in elkaars leven, juridisch een afstammeling van de overledene.
De andere erfgenamen hadden bij de afwikkeling de aanwezigheid van het oudere kind genoemd, maar zich op het standpunt gesteld dat hij geen aanspraak kon maken vanwege zijn jarenlange afwezigheid. Het was de vraag of die opvatting houdbaar was, en of er nog ruimte was om binnen de wettelijke termijn aanspraak te maken op de legitieme portie.
Wat speelt er juridisch?
De legitieme portie is een wettelijk gegarandeerde aanspraak van afstammelingen op een minimumdeel van de nalatenschap, ook bij onterving (art. 4:63 BW). De kring van legitimarissen wordt op grond van art. 4:64 BW gevormd door de afstammelingen die als erfgenaam zouden zijn opgeroepen wanneer er geen testament zou zijn.
Beslissend is juridische afstamming, niet biologische verwantschap of feitelijke band. Wie als juridisch kind van de erflater geldt, op grond van geboorte binnen een huwelijk, erkenning of gerechtelijke vaststelling, is legitimaris ongeacht of er een persoonlijke relatie heeft bestaan. De wet maakt op dit punt geen onderscheid tussen kinderen die in het leven van de ouder een rol hebben gespeeld en kinderen die altijd op afstand zijn gebleven.
De hoogte van de legitieme portie is op grond van art. 4:64 lid 1 BW de helft van het versterferfdeel. Heeft de erflater drie kinderen, dan is het versterferfdeel een derde en de legitieme portie een zesde van de legitimaire massa.
De aanspraak moet binnen vijf jaar na het overlijden worden ingeroepen op grond van art. 4:85 BW. Deze termijn loopt vanaf het overlijden, niet vanaf het moment dat de legitimaris het hoort. Wie pas later op de hoogte raakt, ontdekt dat een deel van de termijn al kan zijn verstreken.
Voor een algemene introductie op het Nederlandse erfrecht verwijzen wij naar onze hoofdpagina.
Hoe pakt een advocaat dit aan?
In dit soort zaken begint een erfrecht advocaat met de vraag of juridische afstamming vaststaat. In de meeste gevallen is dat zo: een geboorte-akte of erkenningsakte volstaat. Wanneer juridisch ouderschap nog niet is geregeld, kan een verzoek tot gerechtelijke vaststelling op grond van art. 1:207 BW een eerste stap zijn. Pas wanneer juridische afstamming vaststaat, kan een legitimarisaanspraak rechtsgeldig worden ingeroepen.
In de meeste zaken wegen wij twee routes tegen elkaar af. De eerste is een minnelijke aanspraak: een formele brief waarin de legitimaris zijn aanspraak op de legitieme portie inroept en, op grond van art. 4:78 BW, om de benodigde informatie verzoekt om de hoogte vast te stellen. Deze route is doorgaans de aangewezen eerste stap, ook bij verre familieverhoudingen.
De tweede route is een verzoekschrift bij de kantonrechter wanneer de andere erfgenamen niet meewerken aan informatieverstrekking, op grond van art. 4:78 lid 2 BW. Hangende deze procedure kan de rechter een boedelbeschrijving gelasten en stukken opvragen, wat vooral van belang is wanneer de legitimaris geen zicht heeft op de samenstelling van de nalatenschap. Voor wie nog oriënteert op de juridische positie zonder direct een dossier te openen, biedt een adviesgesprek de gelegenheid de zaak vooraf juridisch te wegen.
Wat zien wij vaker in dit soort zaken?
In nalatenschappen waarbij een afstammeling al lange tijd geen contact had met de overleden ouder, zien wij vaker dat deze afstammeling pas laat van het overlijden hoort, soms via familie en soms via een mededeling van een gemeente. De wettelijke vijfjaarstermijn van art. 4:85 BW loopt onverkort vanaf het overlijden, ongeacht het moment waarop de legitimaris ervan op de hoogte raakt. Dit kan betekenen dat een aanzienlijk deel van de termijn al is verstreken op het moment dat actie ondernomen kan worden.
In dossiers met een lange afwezigheid zien wij vaker dat de andere erfgenamen zich op het standpunt stellen dat de afwezige afstammeling geen aanspraak meer kan maken vanwege de jarenlange afstand. Dat standpunt heeft juridisch geen grond: het criterium voor de legitieme portie is afstamming, niet relatie. Een legitimaris die binnen de vijfjaarstermijn formeel aanspraak maakt, behoudt zijn recht onafhankelijk van het verleden.
Een derde patroon: het ontbreken van duidelijke informatie over de nalatenschap. Een legitimaris die geen contact had met de overledene, weet meestal niet wat er aan vermogen was. De informatieplicht uit art. 4:78 BW is dan het belangrijkste instrument om die kennis op te bouwen.
Vroegtijdig juridisch advies maakt in dit type zaken een groot verschil. Door tijdig de aanspraak in te roepen voorkomt een legitimaris dat de termijn verstrijkt of dat onnodige discussie ontstaat over zijn juridische status.
Herkent u deze situatie?
In een adviesgesprek brengen wij uw juridische positie in kaart en bespreken wij welke routes er zijn. Na uw aanmelding neemt ons secretariaat binnen een werkdag contact met u op.
Bespreek uw situatie met ons


