Zoek

Contact

Uit de praktijk

Wantrouwen tegen de executeur in een nalatenschap

Door Carla Simmelink, advocaat familierecht & erfrecht

Laatst bijgewerkt op: 27 april 2026

Een nalatenschap met een executeur lijkt op het eerste gezicht een geordende situatie. De erflater heeft één persoon aangewezen die het beheer voert en de afwikkeling regelt. Maar wanneer die executeur ook erfgenaam is, of wanneer de afwikkeling stilvalt zonder dat duidelijk wordt waarom, kan tussen erfgenamen onderling een conflict ontstaan dat moeilijk meer te overbruggen is.

De wet geeft erfgenamen verschillende instrumenten om in te grijpen, met als zwaarste de mogelijkheid om de kantonrechter te verzoeken de executeur te ontslaan. Meer over de bredere achtergrond leest u op onze pagina’s over conflict tussen erfgenamen en verdelen van een nalatenschap.

In het kort

  • De executeur beheert de nalatenschap en stelt met bekwame spoed een boedelbeschrijving op (art. 4:144 jo 4:146 lid 2 BW).
  • De executeur is verplicht aan de erfgenamen inlichtingen te verstrekken over zijn taak (art. 4:148 BW) en rekening en verantwoording af te leggen (art. 4:151 BW).
  • De kantonrechter kan de executeur ontslaan om gewichtige redenen, op verzoek van een mede-executeur, een erfgenaam of het openbaar ministerie (art. 4:149 lid 2 BW).
  • Gewichtige redenen volgen uit ernstig tekortschieten in wettelijke verplichtingen of uit ernstig en op feiten gebaseerd wantrouwen.
  • Een legitimaris of legataris kan niet om ontslag van de executeur vragen; voor hen gelden andere routes.

Dit praktijkvoorbeeld is geanonimiseerd en gebaseerd op meerdere zaken uit onze praktijk.

Wat was de situatie?

Drie volwassen kinderen waren erfgenaam van een ouder. In het testament was één van hen tot executeur benoemd. Op de dag van de begrafenis leek dat een werkbare situatie. In de maanden daarna ontstond echter een patroon dat steeds meer onrust gaf bij de twee andere erfgenamen.

Een boedelbeschrijving werd niet opgesteld, ondanks meerdere verzoeken. Vragen over banktegoeden en eventuele schenkingen werden vaag of niet beantwoord. Wel was duidelijk dat de executeur al wel handelingen had verricht: persoonlijke goederen waren verdeeld zonder overleg, en bepaalde rekeningen waren door hem afgehandeld.

De executeur was in deze nalatenschap niet alleen beheerder maar ook erfgenaam met een eigen belang. Toen ook nog bleek dat een aanzienlijk bedrag van een spaarrekening van de overledene kort voor het overlijden was overgemaakt naar de executeur zelf, zonder dat de andere erfgenamen daarover waren ingelicht, sloeg het sluimerende ongemak om in ernstig wantrouwen. Tegelijk wilden de overige erfgenamen niet ten onrechte een conflict aanjagen wanneer er nog ruimte was voor uitleg.

Wat speelt er juridisch?

De executeur heeft op grond van art. 4:144 lid 1 BW de taak om de goederen van de nalatenschap te beheren en de schulden van de nalatenschap te voldoen. Daarnaast moet hij met bekwame spoed een boedelbeschrijving opmaken (art. 4:146 lid 2 BW), aan de erfgenamen alle door hen gewenste inlichtingen verstrekken over de uitoefening van zijn taak (art. 4:148 BW) en aan het einde rekening en verantwoording afleggen (art. 4:151 BW).

Wanneer een executeur tekortschiet, biedt de wet erfgenamen het instrument van ontslag. Op grond van art. 4:149 lid 2 BW kan de kantonrechter de executeur ontslaan om gewichtige redenen, op verzoek van een mede-executeur, een erfgenaam of het openbaar ministerie. Een legitimaris of legataris hoort niet tot deze kring; voor hen geldt een andere weg, bijvoorbeeld via de vereffening van de nalatenschap.

De rechtspraak heeft ‘gewichtige redenen’ ingevuld als ernstig en serieus tekortschieten in de nakoming van wettelijke verplichtingen, of ernstig en op feiten gebaseerd wantrouwen van de erfgenamen ten opzichte van de executeur. Concrete voorbeelden uit de jurisprudentie zijn het langdurig stilzitten zonder boedelbeschrijving, het zonder geldige reden overmaken van gelden van de nalatenschap naar de eigen privérekening, en het verkopen van goederen zonder overleg met de erfgenamen.

Hangende het ontslagverzoek kan de kantonrechter voorlopige voorzieningen treffen en de executeur schorsen. Een ontslagen executeur blijft verplicht handelingen te verrichten die niet zonder nadeel kunnen worden uitgesteld, totdat een opvolger die taak heeft aanvaard.

Voor een algemene introductie op het Nederlandse erfrecht verwijzen wij naar onze hoofdpagina.

Hoe pakt een advocaat dit aan?

In dit soort zaken begint een erfrecht advocaat met het objectief vastleggen van wat de executeur wel en niet heeft gedaan. Een ontslagverzoek dat alleen op een gevoel van wantrouwen rust slaagt zelden; de rechter verlangt dat het wantrouwen op concrete tekortkomingen is gebaseerd.

In de meeste zaken wegen wij twee routes tegen elkaar af. De eerste is een minnelijk traject: een formele sommatie waarin de executeur wordt verzocht binnen een redelijke termijn een boedelbeschrijving op te stellen, de gevraagde inlichtingen te verstrekken en, indien aan de orde, rekening en verantwoording af te leggen. Deze route heeft twee functies. Inhoudelijk geeft hij de executeur de gelegenheid alsnog aan zijn verplichtingen te voldoen. Procedureel documenteert hij objectief of de tekortkoming structureel is, wat een eventueel later ontslagverzoek versterkt.

De tweede route is een verzoekschrift bij de kantonrechter op grond van art. 4:149 lid 2 BW. Dit is de aangewezen route wanneer het minnelijk traject geen of een onvolledig resultaat oplevert, of wanneer de aard van de tekortkoming directe interventie rechtvaardigt, bijvoorbeeld bij vermoedens van eigenmachtige geldoverboekingen. Hangende de procedure kan de kantonrechter de executeur schorsen en voorlopige voorzieningen treffen, wat zelfs op korte termijn bescherming kan bieden. Voor wie nog oriënteert op de juridische positie zonder direct een dossier te openen, biedt een adviesgesprek de gelegenheid de zaak vooraf juridisch te wegen.

Wat zien wij vaker in dit soort zaken?

In nalatenschappen waar één van de erfgenamen tot executeur is benoemd, is de combinatie van wettelijke taak en eigen belang structureel een spanningsbron. De executeur moet onpartijdig beheer voeren over een nalatenschap waarin hij zelf een aandeel heeft, en dat is een rol die in de praktijk vaker uit balans raakt dan men op het eerste gezicht zou denken.

In dossiers waarbij de executeur ook erfgenaam is, zien wij vaker dat langdurig stilzitten geen kwestie van onkunde is, maar van uitstel met een doel. Door de boedelbeschrijving niet op te stellen blijft het zicht op de nalatenschap beperkt, wat de executeur tijd geeft om bepaalde feiten op de achtergrond te houden. Soortgelijk: rekening en verantwoording wordt vaak pas onder druk afgelegd, zelden uit eigen beweging.

Vroegtijdig juridisch advies maakt in dit type zaken een groot verschil. Door tijdig een formele sommatie op te stellen die de wettelijke termijnen en verplichtingen scherp benoemt, voorkomen erfgenamen dat het stilzwijgen jarenlang voortduurt. Erflaters hadden hun erfgenamen veel kunnen besparen door tijdens hun leven een onafhankelijke executeur te benoemen, bijvoorbeeld een notaris of een advocaat, in plaats van een van de kinderen. De keuze voor een onafhankelijke executeur kost extra geld, maar in een nalatenschap met spanning tussen erfgenamen weegt die kostenpost zelden op tegen de tijd, energie en onderlinge verhoudingen die anders verloren gaan.

Herkent u deze situatie?

In een adviesgesprek brengen wij uw juridische positie in kaart en bespreken wij welke routes er zijn. Na uw aanmelding neemt ons secretariaat binnen een werkdag contact met u op.

Bespreek uw situatie met ons
Logo Nederlandse Orde van Advocaten
Raad-voor-rechtsbijstand-high-trust-logo