Alimentatie is een wettelijke onderhoudsverplichting waarbij de ene partner na scheiding financieel bijdraagt aan het levensonderhoud van de andere partner of van de kinderen. De berekening volgt de Tremanormen (LOVF-richtlijnen) op basis van behoefte en draagkracht; vastgestelde bedragen worden jaarlijks geïndexeerd, in 2026 met 4,6 procent.
In het kort
- Kinderalimentatie is een bijdrage in de kosten van verzorging en opvoeding van kinderen na scheiding. Beide ouders zijn altijd onderhoudsplichtig naar draagkracht (artikel 1:404 BW).
- Partneralimentatie is een bijdrage aan het levensonderhoud van een ex-partner die onvoldoende eigen inkomen heeft. De maximale duur bedraagt sinds 2020 de helft van de huwelijksduur, met een wettelijk maximum van vijf jaar (Wet herziening partneralimentatie).
- De hoogte wordt bepaald op basis van behoefte, draagkracht en de zorgverdeling voor kinderen, conform de Tremanormen (LOVF-richtlijnen).
- Vastgestelde bedragen worden per 1 januari automatisch verhoogd met de wettelijke indexering: in 2026 4,6 procent (in 2025 was dat 6,5 procent).
- Bij ingrijpende wijziging van omstandigheden kan een bestaande alimentatieregeling worden gewijzigd via de rechter of in onderling overleg (artikel 1:401 BW). Lees meer over alimentatie wijzigen.
Wat is alimentatie?
Alimentatie is de wettelijke verplichting om na een scheiding financieel bij te dragen aan het levensonderhoud van een ex-partner of de kinderen. Er bestaan twee vormen: kinderalimentatie voor de kosten van verzorging en opvoeding, en partneralimentatie voor het levensonderhoud van de ex-partner.
De hoogte wordt bepaald door twee factoren: de behoefte van de ontvanger en de draagkracht van de betaler. Dit beginsel is vastgelegd in artikel 1:397 BW. Voor kinderen geldt aanvullend dat beide ouders altijd onderhoudsplichtig zijn naar draagkracht, ook na scheiding (artikel 1:404 BW).
Vastgestelde alimentatiebedragen worden per 1 januari automatisch verhoogd met de wettelijke indexering (artikel 1:402a BW). In 2025 bedroeg de indexering 6,5 procent; in 2026 is dat 4,6 procent. Volgens cijfers van het CBS hadden in 2024 ruim 350.000 huishoudens in Nederland te maken met een lopende alimentatieregeling. Lees meer over de gevolgen van scheiden voor kinderen.
Wanneer is een ouder of ex-partner alimentatieplichtig?
Een ouder is wettelijk verplicht bij te dragen aan de kosten van verzorging en opvoeding van zijn of haar kinderen. Deze verplichting geldt voor beide ouders, ongeacht of zij ooit getrouwd zijn geweest of hebben samengewoond (artikel 1:404 BW). De hoogte van de bijdrage kan verschillen, afhankelijk van draagkracht en zorgverdeling.
Bij partneralimentatie bestaat geen automatische plicht. De rechter beoordeelt of een verplichting ontstaat op basis van de financiële positie van beide partners. Wanneer één partner na de scheiding onvoldoende eigen inkomen heeft om zelfstandig in het levensonderhoud te voorzien, kan een onderhoudsverplichting worden vastgesteld.
Wanneer een onderhoudsplichtige ouder niet betaalt, kan de ontvanger het Landelijk Bureau Inning Onderhoudsbijdragen (LBIO) inschakelen voor inning. Lees meer over inning van kinderalimentatie.
Welke soorten alimentatie zijn er?
Kinderalimentatie
Kinderalimentatie is de bijdrage van een ouder in de kosten van verzorging en opvoeding van kinderen na een scheiding. De berekening volgt de Tremanormen (LOVF-richtlijnen) en verloopt in drie stappen: behoefte van het kind bepalen, draagkracht van beide ouders berekenen, en de zorgkorting toepassen.
De behoefte wordt vastgesteld op basis van het vroegere netto gezinsinkomen en het aantal kinderen, met de NIBUD-tabellen als bron voor de bijbehorende bedragen per inkomens- en gezinscategorie. De draagkracht geeft aan wat een ouder kan betalen, rekening houdend met inkomen en vaste lasten. De zorgkorting bedraagt 15, 25 of 35 procent, afhankelijk van hoeveel zorg een ouder op zich neemt (minimaal 25 procent van de tijd voor de laagste korting).
De onderhoudsplicht loopt tot het kind 18 jaar is. Studeert het kind of heeft het na zijn achttiende nog geen eigen inkomen, dan kan de plicht doorlopen tot 21 jaar (artikel 1:395a BW). Lees meer op de pagina kinderalimentatie.
Partneralimentatie
Partneralimentatie is een bijdrage in het levensonderhoud van een ex-partner die na de scheiding onvoldoende eigen inkomen heeft. Sinds 1 januari 2020 geldt de Wet herziening partneralimentatie: de maximale duur is gelijk aan de helft van de huwelijksduur, met een wettelijk maximum van vijf jaar.
Er bestaan drie wettelijke uitzonderingen op de hoofdregel, vastgelegd in artikel 1:157 leden 3 tot en met 6 BW. Wanneer het huwelijk langer dan vijftien jaar duurde en de alimentatiegerechtigde binnen tien jaar de AOW-leeftijd bereikt, loopt de alimentatie door tot de AOW. Bij minderjarige kinderen loopt de alimentatie door totdat het jongste kind twaalf jaar is. Voor huwelijken die op 1 januari 2020 al langer dan vijftien jaar duurden, geldt overgangsrecht. Lees meer op de pagina partneralimentatie.
Hoeveel alimentatie moet ik betalen?
De hoogte van alimentatie volgt altijd uit een berekening op basis van behoefte en draagkracht. Rechters gebruiken hiervoor de Tremanormen (LOVF-richtlijnen), die elk jaar opnieuw worden gepubliceerd door de Expertgroep Alimentatienormen.
Bij kinderalimentatie bepalen de NIBUD-tabellen de behoefte van het kind op basis van het vroegere netto gezinsinkomen. Een gezin met een netto maandinkomen van €4.000 en twee kinderen rekent met een gezamenlijke behoefte van circa €900 tot €1.100 per maand, verdeeld naar draagkracht. Dit is een globale indicatie: de uitkomst kan in een concrete situatie hoger of lager uitvallen. Bij partneralimentatie telt de levensstandaard tijdens het huwelijk mee, naast het inkomen en de vaste lasten van beide partners.
In dossiers Simmelink zien wij dat bij wisselende inkomsten, een eigen onderneming of een internationale situatie de berekening complexer wordt. Bij ondernemers stelt de rechter de draagkracht doorgaans niet uitsluitend vast op basis van het actuele inkomen, maar weegt ook de gemiddelde winst over meerdere jaren. Bij internationale situaties bepalen aanvullende verordeningen welke regels gelden. In die gevallen is een berekening op maat verstandig voordat afspraken worden vastgelegd.
Hoe lang duurt de alimentatieverplichting?
De duur van alimentatie verschilt per type. Kinderalimentatie loopt in beginsel tot het kind achttien jaar is en kan doorlopen tot eenentwintig jaar wanneer het kind studeert of nog geen eigen inkomen heeft (artikel 1:395a BW). Partneralimentatie kent sinds 2020 een wettelijk maximum van vijf jaar in de hoofdregel, met de uitzonderingen beschreven onder partneralimentatie hierboven.
Vastgestelde bedragen blijven niet statisch: ze worden elk jaar per 1 januari geïndexeerd. In 2026 is de wettelijke indexering 4,6 procent; in 2025 was dat 6,5 procent. Zonder actie stijgt het bedrag automatisch. Lees meer over de jaarlijkse aanpassing op de pagina indexering alimentatie.
Hoe kan alimentatie worden gewijzigd of stopgezet?
Een vastgesteld alimentatiebedrag kan worden gewijzigd wanneer de omstandigheden ingrijpend zijn veranderd, zowel kort na de scheiding als jaren daarna. De wet spreekt van een “wijziging van omstandigheden” (artikel 1:401 BW). Veelvoorkomende gronden zijn:
- verlies van werk of een aanzienlijke inkomensdaling bij de betaler;
- een significante inkomensstijging bij de betaler;
- wijziging van de zorgregeling voor kinderen;
- een nieuwe gezinssituatie of hertrouwen van de ontvanger;
- het bereiken van de wettelijke maximale duur bij partneralimentatie.
Wanneer partners samen geen nieuwe afspraken kunnen maken, kan de rechter worden gevraagd de alimentatie opnieuw vast te stellen. Lees meer op de pagina’s alimentatie wijzigen en kinderalimentatie wijzigen.
Welke route past bij uw situatie: overleg, mediation of rechter?
Alimentatie kan op drie manieren worden geregeld, afhankelijk van de mate waarin partners samen tot afspraken kunnen komen.
- Afspraken in onderling overleg. Partners leggen de gemaakte afspraken vast in een convenant of ouderschapsplan. De meest directe route, die een procedure voorkomt.
- Mediation. Een mediator begeleidt partners bij het maken van afspraken over alimentatie, zorgverdeling en vermogen. Mediation kan een procedure voorkomen en geeft beide partners meer regie over de uitkomst.
- Procedure bij de rechtbank. Wanneer partners het niet eens worden, kan de rechter de alimentatie vaststellen. Een verzoekschrift wordt ingediend, de andere partij kan verweer voeren, en de rechter beslist na een zitting.
Welke route het meest passend is, hangt af van de onderlinge communicatie, de financiële complexiteit en eventuele internationale aspecten. Lees meer over het aanvragen van alimentatie.
Wat is de rol van een advocaat bij alimentatie?
Alimentatie wordt vrijwel altijd besproken als onderdeel van de financiële afwikkeling van een scheiding. Daarbij spelen meerdere factoren tegelijk: inkomen, woonlasten, zorgverdeling en soms een ondernemingsstructuur of internationale situatie.
Een scheidingsadvocaat ondersteunt bij:
- het beoordelen van de financiële situatie van beide partners;
- het opstellen van een alimentatieberekening op basis van de Tremanormen;
- het vastleggen van afspraken in een convenant of ouderschapsplan;
- het begeleiden van onderhandelingen of een mediationtraject;
- het voeren van een procedure bij de rechtbank of in hoger beroep;
- het beoordelen van internationale bevoegdheid en toepasselijk recht bij grensoverschrijdende situaties.
Bij een lopende alimentatieregeling waarover twijfel bestaat of deze nog past, kan een adviesgesprek duidelijkheid bieden. Voor wie al wordt begeleid door een ander kantoor en een onafhankelijke beoordeling wenst, biedt een second opinion een onafhankelijk juridisch oordeel. Lees meer over tarieven en kosten.
Voorbeelden uit de praktijk
Wijziging bij ondernemer met wisselend inkomen
De centrale vraag was of een vastgestelde kinderalimentatie kon worden herzien nadat de betalende ouder een eenmanszaak had opgestart en zijn inkomen daardoor minder voorspelbaar werd. Bij ondernemers stelt de rechter de draagkracht doorgaans niet uitsluitend vast op basis van het actuele inkomen, maar weegt ook de gemiddelde winst over meerdere jaren en of sprake is van een reëel bedrijfsresultaat.
De financiële structuur werd in kaart gebracht, de jaarrekeningen over de relevante periode beoordeeld, en op basis van de Tremanormen werd een herzieningsberekening opgesteld. De bevindingen werden vervolgens ingebracht in een overlegprocedure, met de fiscale gevolgen voor beide ouders expliciet meegenomen in de afweging.
Internationale situatie met partneralimentatie in twee landen
De centrale vraag was welk recht van toepassing was op de partneralimentatie na een scheiding waarbij één partner in Nederland woonde en de ander naar een andere EU-lidstaat was verhuisd. Op grond van de EG-Alimentatieverordening (EG nr. 4/2009) en het Haags Alimentatieprotocol 2007 wordt het toepasselijke recht in dit type situaties bepaald door de gewone verblijfplaats van de alimentatiegerechtigde, tenzij een rechtskeuze is gemaakt.
Door eerst de bevoegdheidsvraag en het toepasselijke recht uit te werken, kon de berekening op de juiste basis plaatsvinden en kon de cliënt afgewogen kiezen welke procedure het meest passend was. In dossiers Simmelink zien wij dat deze volgorde, eerst forum dan rekening, vaker bepalend is voor de uiteindelijke uitkomst dan de inhoudelijke alimentatieberekening zelf.
Wijziging jaren na scheiding door nieuwe gezinssituatie
De centrale vraag was of de partneralimentatie kon worden verlaagd nadat de betalende ouder een nieuw gezin had gekregen en daarmee aanvullende onderhoudsverplichtingen was aangegaan. Een nieuwe gezinssituatie kan op grond van artikel 1:401 BW een wijziging van omstandigheden opleveren, waarbij de rechter ook het belang van de bestaande alimentatieverplichtingen meeweegt.
De draagkracht werd opnieuw in kaart gebracht, inclusief de verhouding tussen de bestaande en de nieuwe onderhoudsverplichtingen. Op basis van die analyse werd beoordeeld welke route het meest passend was, in onderling overleg met de andere partij of via de rechter.
Onze advocaten
Het team van Simmelink Advocaten is gespecialiseerd in familierecht, internationaal familierecht en erfrecht.
De advocaten combineren juridische deskundigheid met internationale ervaring.
Cliënten worden begeleid door één vaste advocaat die het gehele proces overziet en discreet communiceert.
Bij complexe financiële kwesties of een internationale component is een gespecialiseerde advocaat belangrijk.
Wij streven naar juridisch juiste, praktisch uitvoerbare afspraken die u voorspelbaarheid en rust geven.

Carla Simmelink – Advocaat familierecht, internationaal familierecht en erfrecht
Advocaat familierecht, internationaal familierecht en erfrecht

Valerie Lingg – Advocaat familierecht, internationaal familierecht
Advocaat familierecht, internationaal familierecht

Eva Zaunbrecher-Boschloo – Advocaat familierecht, internationaal familierecht
Advocaat (internationaal) familierecht
Cliënten worden begeleid door een vaste advocaat, die het gehele dossier overziet en discreet communiceert.
Veelgestelde vragen
Nee, of een alimentatieverplichting bestaat hangt af van de omstandigheden. Voor kinderen geldt vrijwel altijd een onderhoudsplicht, maar de hoogte kan sterk verschillen afhankelijk van draagkracht en zorgverdeling. Bij partneralimentatie beoordeelt de rechter of er een verplichting ontstaat op basis van de financiële positie van beide partners.
De hoogte volgt altijd uit een berekening op basis van de Tremanormen (LOVF-richtlijnen). Bij kinderalimentatie zijn de NIBUD-tabellen en het vroegere netto gezinsinkomen de uitgangspunten. Bij partneralimentatie spelen de levensstandaard tijdens het huwelijk en de draagkracht van beide partners een rol. De uiteindelijke bijdrage hangt altijd af van het concrete inkomen, de lasten en de gezinssituatie; een berekening op maat geeft duidelijkheid.
Sinds 1 januari 2020 geldt een wettelijke maximumduur van vijf jaar (helft van de huwelijksduur). Er bestaan wettelijke uitzonderingen, onder meer bij een lang huwelijk in combinatie met de naderende AOW-leeftijd, of wanneer er minderjarige kinderen zijn. Hoofdregel en uitzonderingen zijn vastgelegd in artikel 1:157 BW. De exacte duur hangt af van de specifieke omstandigheden van de zaak.
Ja, wanneer de omstandigheden ingrijpend zijn veranderd kan alimentatie opnieuw worden vastgesteld (artikel 1:401 BW). Dat betekent dat de situatie aantoonbaar is veranderd ten opzichte van de eerdere afspraken, bijvoorbeeld door werkverlies, een andere zorgregeling of een nieuw huwelijk. Aanpassing kan in onderling overleg of via de rechter. Lees meer op de pagina alimentatie wijzigen.
Bij internationale situaties spelen vragen over welke rechter bevoegd is en welk recht van toepassing is. Dit hangt af van de woonplaats van partijen, hun nationaliteit en internationale regelgeving zoals de EG-Alimentatieverordening (EG nr. 4/2009) en het Haags Alimentatieprotocol 2007. Bij een internationale situatie is maatwerk nodig: een advocaat beoordeelt per zaak welke rechter bevoegd is en welk recht geldt.
Bespreek uw situatie met ons
Een vroegtijdig adviesgesprek geeft duidelijkheid over uw juridische positie en de routes die bij uw situatie passen. Na uw aanmelding neemt ons secretariaat binnen een werkdag contact met u op.
Plan een adviesgesprekOf neem telefonisch contact op via: 030 – 30 787 32
Vertrouwen en kwaliteit
Simmelink Advocaten is aangesloten bij de Nederlandse Orde van Advocaten.
Lees meer over onze beoordelingen of bekijk hoe wij werken via onze werkwijze.




